Femke blogt: Wakende schapen

Als je op het platteland woont, heb je echt geen waakhond nodig. Neem gewoon een stel schapen! Sinds wij ze af en toe een boterham geven, hebben ze geleerd om te blaten zodra iemand in de buurt is. Dappere inbreker die dan nog binnen durft te komen.

Grazende schapen
Grazende schapen.

Blatende schapen

Dat ze ook elkaar bewaken, ervoer ik kortgeleden. Vroeg in de ochtend was ik al bezig met de moeilijke keuzes in het leven. Wordt het een jurkje of toch beter een lange broek? Sneakers of nette schoenen? Terwijl ik mijn hersens pijnig met deze vragen, hoor ik op de achtergrond het geblaat van de schapen. Het lijkt of ze iets doordringender klinken dan normaal. Misschien is de metselaar vroeger dan gebruikelijk, denk ik nog.

Verstrikt in het net

Plots hoor ik geklop op de achterdeur. Door het raam zie ik twee jonge jongens staan. Ik heb werkelijk geen idee wie het zijn, maar er lijkt sprake te zijn van paniek. Ondertussen flitst het door me heen dat de schapen daarom natuurlijk zo onrustig zijn. Er is vast onderweg iets met een van de jongens gebeurd.

“Mevrouw! U moet snel komen. Een van uw schapen zit vast in het net”, roept een van de jongens. Zijn vriend rent al richting de schapen. Ik ren in mijn ochtendjas achter ze aan en zie dat een lammetje met zijn kop vastzit in het net en druk spartelt om los te komen. Op de netten staat stroom om te voorkomen dat ze het gaas vernielen. Normaal deinzen ze al terug bij het eerste schokje. De andere schapen blaten nog harder nu ze mij in het zicht hebben. Alsof ze zo duidelijk willen maken dat het menens is.

Schrikdraadapparaat

De jongens kijken mij aarzelend aan. “Ga maar”, zeg ik. “Dit lukt me wel.” Ondertussen doe ik mijn best om er uiterlijk kalm uit te zien. De jongens stappen op hun fiets terwijl ik naar binnen ren om mijn telefoon te halen. Vervolgens ren ik naar het schrikdraadapparaat. Om er daar achter te komen dat ik werkelijk geen idee heb hoe ik dat ding uitzet. De boer is niet bereikbaar en Pim is al enige tijd naar zijn werk. Wat nu? Ik bel mijn vader, leg hem de situatie uit en al telefonerend lukt het me om de stroom eraf te krijgen. Vol adrenaline stap ik de wei in.

Angstig schaap

De schapen rennen en blaten om mij heen. Het lammetje blijft dapper spartelen, zeker als ik naast hem neerkniel. Inmiddels ben ik zelf ook wel in paniek, zeker als ik zie dat het net steeds verder in zijn nek draait. Ik begin tegen het beest te praten en hoop ondertussen dat niemand dit ziet. “Je gaat hier niet dood. Niet vandaag, niet hier en zeker niet nu. Dus word rustig zodat ik je los kan maken.” Het dier lijkt iets te kalmeren. De draad zit inmiddels zo strak dat ik bang ben dat één verkeerde beweging al fataal is. Ik steek er een vinger onder terwijl ik op het lammetje blijf inpraten. Met mijn vrije hand bel ik mijn moeder. Toch handig, je ouders zo dichtbij.

Heggenschaar

In no-time staat ze bij ons met de grootste heggenschaar die ze kon vinden. “Misschien is dit wat overdreven”, mompelt ze en ze rent onze keuken in voor een gewone schaar. Terwijl ik het lammetje blijf vasthouden, knipt ze de draad los en verlossen we het schaapje uit zijn lijden. Het beest rent al blatend naar de andere schapen, zichtbaar opgelucht dat het avontuur voorbij is. Terwijl ik het tafereel bekijk, voel ik pas hoe warm het is. Misschien moet ik vandaag toch maar voor een luchtig jurkje gaan.

 

Femke op een hek bij de koeien.Buitenleven-redacteur Femke van der Palen blogt elke maand over haar stap om van de stad naar het platteland te verhuizen. Samen met haar man knapt ze een klushuis op – dat gaat niet altijd van een rieten dakje – en staan er schapen in hun wei. Haar avonturen lees je op www.buitenleven.nl